Zeg nooit zomaar mus tegen een grasmus.

grasmus0001-3.jpg

De grasmus behoort niet tot de familie van de mussen maar tot die van de zangers of sylviaii. Een grote groep van zangvogels waar ook de tuinfluiter, zwartkop en braamsluiper in zitten. En als je je vogelgids openslaat op deze familie zul je heel wat soorten grasmussen vinden. En ze hebben ze leuke namen gegeven zoals de baardgrasmus, de brilgrasmus of provencaalse grasmus (deze laatste heeft niets te maken met de bekende saus). Een uitgebreide familie die zeker een artikeltje verdient op mijn blog.

Mooi beestje.

Onze grasmus, die zonder voorvoegsel, moet in verenkleed niet onderdoen voor al de rest. Vooral de mannetjes hebben een prachtig kleed met roestbruine dekveren, een blauwgrijze kop en een knalwitte keel. En die keel kunnen ze ook heel goed opzetten. Want als ze beginnen zingen bewijzen ze dat ze hun plaats bij de zangers dik verdienen. Hun knetterende liedje is heel kenmerkend en het is vaak die zang die hun aanwezigheid verraad.

grasmus0001-2.jpg

Gras of liever hoger.

De naam grasmus is niet zo heel goed gekozen vind ik zelf. Ze broeden wel dicht bij de grond, maar in gras heb ik nog nooit een nest gevonden. Dat is de plek voor soorten als veldleeuwerik of graspieper. Neen, onze grasmus houdt meer van dichte ruigtes. Ze bouwen een kunstig nest dat vastzit aan dikkere stengels in de begroeiing. En die begroeiing is meestal, tot mijn spijt, zo doornig en stekelig mogelijk. Midden in een bos netels of tussen een hoop distels moet ik gaan zoeken naar hun nest. Tot op heden heeft die eigenschap er voor gezorgd dat ik nog maar een paar nesten vond. Maar die vondst was dan ook een kick op zich.

Grasmus_003.jpeg

Beemdbewoner.

Grasmussen zijn in onze gebieden hier jaarlijkse broedvogels. En dit in redelijk mooie aantallen. Het gebied thuis achter voldoet dan ook volledig aan hun wensen. Veel struweel en ruigte waar ze kunnen in broeden afgewisseld met hogere struiken of boompjes die ze heel graag en vaak gebruiken om hun buren via een mooi liedje te laten horen dat ze daar beter wegblijven. Hoeveel koppels er juist zitten heb ik nooit geteld. Zou ik eens moeten doen, maar te weinig tijd en zo veel te doen. Dus voorlopig ben ik blij met zingende grasmussen in “mijn” gebied en in het najaar doortrekkende grasmussen in mijn netten.

grasmus0001-5.jpg

grasmus0001-6.jpg