Pink de vink.

vink0001-4.jpg

Dit vind ik één van mijn meest geslaagde foto’s uit mijn hele verzameling. En de aandachtige lezer van mijn blog heeft dadelijk gezien dat ik deze dan ook gekozen heb om de hoofding van mijn blog te vullen. Een beeld van een “doodgewone” vink dat ik maakte toen ik uit de auto stapte op een parking op weg naar een soort die ik ondertussen al vergeten ben ergens in Nederland. De vink die als fotomodel kwam spelen is dus een Nederlandse vink. In uitzicht niet anders dan onze vink. Maar zijn taaltje zal wel anders klinken. Want vinken hebben naargelang de regio waar ze voorkomen een ander deuntje dat ze zingen. De vinkeniers (een gelukkig uitstervend ras) in Vlaanderen moeten dan ook de echte “suske-wiet” hebben en kunnen met vinken uit andere landsgedeeltes, zoals bijvoorbeeld Waalse exemplaren, niks aanvangen. Misschien dat dit wel een communautaire kwestie is die in het parlement voor oervervelende en nodeloze discussies kan zorgen. Maar dat hebben ze daar wel meer aan de hand.

Oppervink.

De naam voor deze soort is kort en krachtig. Vink, en dat zegt alles. Want in zijn familie heb je heel wat leden met nog een bijvoegsel. Groenvink, goudvink, distelvink, appelvink, sneeuwvink, tijgervink. Hoewel deze laatste totaal geen familie is. En als je als lid van een geslacht, in dit geval dat van de vinken, geen bijvoegsel nodig hebt ben je toch wel hoog in rang. Voor mij is dan ook de vink een speciale soort. Niet dat ik de andere leden van zijn prachtige familie oneer wil aandoen, integendeel. Maar die vink verdient eigenlijk meer aandacht dan dat hij momenteel krijgt. Op mijn voederplaats zitten ze met enkele tientallen en ook tijdens de zomer broedt er in elke tuin wel een koppeltje. Maar als je hem nog eens ziet rondhippen op je gazon moet je je verrekijker er toch eens bijnemen en zijn prachtig verenpakje wat beter bekijken. Je zal er geen spijt van krijgen.

vink0001.jpg

Schuiver

Vinken die je nu hier ziet zijn zo goed als zeker andere exemplaren dan die in de zomer hun nestje hier hebben grootgebracht. Vinken zijn geen lange-afstandstrekkers maar eerder opschuivers. De meer noordelijkere populaties komen in ons landje overwinteren. En onze vinken verhuizen naar Frankrijk of soms een beetje verder. Op de telpost heb ik indertijd heel wat vinken geteld die in grote groepen over de weide vlogen. Meestal in een breed front waardoor het tellen niet zo simpel was. 

vink0001-3.jpg

Madam de twitcher

Deze soort komt wereldwijd voor met toch soms wel wat verschil in uitzicht naargelang regio waar ze voorkomen. De zogenaamde ondersoorten. Zo kon ik op Madeira tijdens een vakantietrip de ondersoort maderensis aanschouwen. Trouwens een memorabel moment waar mijn vrouwke zich liet betrappen op een zeldzaam moment van twitcheractiviteit. We hadden een korte wandeling gemaakt in een bebost gebiedje van het eiland waar deze soort kon gezien worden. Maar zonder resultaat. Tijdens een stop aan een mooi brugje zat ik in mijn vogelgids te bladeren om het beest dan toch op de juiste plek te bekijken al was het maar op de afbeelding in mijn boek. Toen mijn vrouwke plots de magische woorden “daar zit ie” riep. En inderdaad, zij wees mij een prachtig mannetje fringilla coelebs maderensis aan. Check, weer eentje bij op mijn lijstje.