Dikke lijsters en huismus-uiltjes.

Lente in de kop.

Dat we stilaan naar de lente hobbelen is nu wel echt duidelijk aan het worden. De stoeltjes van het orkest dat binnenkort het volledige repertoire van de ochtend-symphonie zal vertolken raken stilaan bezet. Nu hoorde ik al de zanglijster, heggenmus, kool- en pimpelmees en natuurlijk de grote lijster.

Zodra deze haar melancholische melodie inzet dan weet ik dat het broedseizoen niet veraf meer is. Hoewel, dit jaar zijn ze naar mijn gevoel later dan anders. Meestal hoor ik ze voor het eerst op een zonnige winterdag in januari. Maar als ik het goed voor heb was het dit jaar toch februari voor ik mijn eerste “dikke lijster” van dit jaar kon horen fluiten.

grote lijster0001.jpg

De grote lijster.

Ladderwerk.

Of het nu dat opstartende broedseizoen dat ik mijn kop zat weet ik niet. Maar ik ben mij alvast een nieuw laddertje gaan kopen dat in mijn jeep past. En dan begonnen aan een eerste controleronde van mijn steenuilenkasten. Net geen honderd moet ik er doen. En daar heb ik er gisteren toch al een 30tal kunnen doen.

Het leuke aan die controles is dat je vaak de toekomstige huurders tegenkomt. Zo kan ik heel wat steenuilen die al een ring rond hun poot hebben controleren. En dat levert mooi en vooral boeiend materiaal op. Er is al heel wat geweten over deze sympathieke uiltjes. Maar heel leuk is toch om dit zelf te kunnen vaststellen en al die gegevens te noteren en nadien te interpreteren.

201.JPG

Honkvast.

Je kent denkelijk de uitdrukking “hij is een echte huismus”. Wel, dat is voor onze steenuil dan zeker van toepassing. Paartjes kunnen jaren in dezelfde nestkast hun jongen grootbrengen. En uit mijn controles blijkt dat dan ook.

In vier kasten trof ik een adulte vogel aan die er vorig jaar ook zat. Eentje werd in 2011 door Tony geringd in een kast en was zowel in 2013, 2014 als dit jaar present in diezelfde nestkast. Maar de prestatie van honkvastheid was een steenuiltje dat in 2009 werd geringd als pulli en nu al twee jaar door mij werd gecontroleerd op dezelfde locatie. En ik denk niet dat het een vrijgezel is die bij mama en papa graag op hotel blijft. Nee, de kans is groot dat hij inderdaad graag met mama bleef, maar dan om elk jaar een nestje kleine steenuiltjes groot te brengen. Jawel, af en toe kom je dit tegen bij onze lieve steenuiltjes. Dat ze het niet echt ver gaan zoeken is vaak het geval. Zo had ik een in Ulbeek geboren exemplaar dat naar Wellen verhuisde. En een Grootloonse steenuil die dan weer in Ulbeek is terecht gekomen.