Het jaar van de grote gezinnen ?

torenvalk 1 - Gert Benaets-2

Het blijven mijn favorieten, torenvalkjes. Ondertussen aan de controles van de kasten begonnen en de eerste nesten geringd. En het lijkt een prima jaar te worden. Met 7 gecontroleerde nesten staat de teller op 35 pulli met een ring rond de poot. Drie vijflingen en drie zeslingen. Gaan we naar een recordjaar ?

Voorspellen.

De kans is groot want er liggen nog heel wat legsels met 5 of 6 eieren klaar om uit te komen. En de nesten die we al ringden hadden allemaal stevige pulli. Geen achterblijvertjes te bespeuren. Wat in andere jaren toch wel vaak het geval was.

Wel leuk om te ontdekken waarom er nu meer grotere legsels zijn dan andere jaren. Slimme koppen deden er onderzoek naar en daaruit blijkt dat er heel wat factoren bepalen hoeveel eieren en in het nest belanden. Voedsel, leeftijd broedvogels, weersomstandigheden, start legsel. Voedsel is vanzelfsprekend. Als mama en papa torenvalk bij de start van het broedseizoen merken dat ze veel muizen kunnen vangen dan is snel beslist om een eitje meer er uit te persen. Leeftijd speelt ook een rol, oudere vogels leggen meestal meer eieren dan jonge vogels. Hoewel hier niet zo echt veel verschil op zit. Vroegere legsels zijn vaak groter dan legsel waar later aan begonnen werd. En tenslotte de weersomstandigheden. Maar die zitten een beetje vast aan het voedselaanbod. Goed weer voor onze torenvalken is niet te veel regen en lekker warm. Blijft het lang koud dan starten ze later met leggen met kleinere legsels tot gevolg. Is er veel regen dan zijn er minder momenten om muizen te vangen en dus minder eieren.

Groot worden.

Grote legsels is al een goed begin. Maar er moeten ook vliegvlugge jongen van komen. En dan is het weer voedsel en weersomstandigheden die beslissen of dat lukt of niet. Blijven de omstandigheden goed en blijkt het een goed muizenjaar te zijn dan lukt het vaker om vijf of zes pulli van eten te voorzien. Dit jaar merken we dus dat dit vrij goed lukt. Het weer zit dan ook goed mee en blijkbaar zijn er genoeg muizen. Ik hoop alvast dat ik nog heel vaak 5 of 6 pulli mag noteren tijdens ons ringwerk.

Kapot.

Enige minpuntje is dat er meerdere kasten verdwenen of stuk blijken te zijn. Heel wat hebben hun beste tijd gehad en missen een bodem of ik vind enkel de achterkant die tegen een paal hangt. Daar kan geen familie torenvalkjes gaan wonen natuurlijk.

En regelmatig vind ik nieuwe kasten geplaatst door fruittelers (waar ik heel blij mee ben) waar jammer genoeg geen nestmateriaal in werd gelegd. Die zijn dan meestal niet bezet en als dat het geval is hebben die legsels heel weinig kans om uit te komen. Want de eieren liggen op een harde bodem en rollen vaak naar de hoeken waardoor het vrouwtje ze niet constant kan bebroeden.

Om de fruittelers hier wat info over te geven werk ik momenteel samen met een aantal mensen van Regionaal Landschap om een soort infofolder te maken om nestkasten zo zinvol mogelijk op te hangen. Ze moeten het natuurlijk weten. En zelf ga ik in het najaar heel wat nieuwe kasten ophangen om locaties waar er voordien broedparen zaten terug te bevolken. Zo kan ik mijn favorieten een handje helpen. Want wees gerust. Ze gaan elk duwtje in de rug kunnen gebruiken.

(foto : Gert Benaets)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s